Onderneming in financiële moeilijkheden

Als je een ondernemer bent en er is nog een toekomst mogelijk voor je zaak, je kan nog uit de financiële problemen raken, dan voorziet de wet verschillende mogelijkheden zodat er geen faillissement moet aangevraagd worden:

1. Het buitengerechtelijk minnelijk akkoord (met bijstand van een ondernemingsbemiddelaar)
Je kan aan minstens twee schuldeisers een minnelijk akkoord voorstellen. Dit akkoord is een overeenkomst over hoe je je schulden zal terug betalen, op welke termijn en aan welke voorwaarden. Hoe het akkoord er precies zal uitzien, hangt volledig af van jou en je schuldeisers. En dat is meteen ook het grootste nadeel: schuldeisers kunnen ook gewoon een minnelijk akkoord weigeren. Gespecialiseerde organisaties zoals Dyzo en Boeren op een Kruispunt kunnen je hierbij helpen en advies geven. Je kan hiervoor ook beroep doen op een ondernemingsbemiddelaar (een boekhouder, een advocaat...) om te bemiddelen tussen jou en je schuldeisers. De aanstelling van zo'n bemiddelaar moet aan de ondernemingsrechtbank worden gevraagd.

In deze omstandigheden kan er ook nog gedacht worden aan een stopzetting van de activiteiten. Win hierbij in geval financiële moeilijkheden ook eerst advies in van gespecialiseerde personen (boekhouder, accountant, advocaat...) of organisaties zoals Dyzo en Boeren op een Kruispunt. Zij kunnen met jou nagaan wat dit voor gevolgen heeft op vlak van reeds ontstane schulden en de kosten die met een stopzetting gepaard gaan, en of een gerechtelijke reorganisatie of faillissement niet 'gunstiger' is.   

2. De gerechtelijke reorganisatie
Een gerechtelijke reorganisatie moet je aanvragen met een verzoekschrift dat digitaal wordt opgeladen in het Centraal Register Solvabiliteit. Daarvoor doe je best beroep op een advocaat, en voor bepaalde documenten die verplicht aan het verzoekschrift moeten worden toegevoegd, op een "economische beroepsbeoefenaar' (bv. boekhouder).
Na het indienen van het verzoekschrift tot aan het vonnis van de rechter, ben je beschermd tegen beslag (tenzij de beslagprocedure al in een ver gevorderd stadium zit) en tegen een faillissement

Een gerechtelijke reorganisatie biedt drie mogelijke oplossingen:

  • Gerechtelijke reorganisatie door een minnelijk akkoord: Dit is een akkoord met minstens twee schuldeisers. Hoe het akkoord er precies zal uitzien, hangt af van jou en je schuldeisers. En dat is meteen ook het grootste nadeel: schuldeisers kunnen ook gewoon een minnelijk akkoord weigeren. Een rechter kan in dat geval nu wel betalingstermijnen toestaan, zonder dat hiervoor een akkoord van de schuldeisers vereist is.

  • Gerechtelijke reorganisatie door collectief akkoord: onder toezicht van de rechter moet je een plan voorstellen aan al je schuldeisers. Dit plan moet zeggen hoe je al je schulden of een deel ervan zal terugbetalen aan je schuldeisers, binnen een periode van maximum vijf jaar. Wanneer de meerderheid van je schuldeisers akkoord gaat, die meer dan de helft van de schuldvorderingen vertegenwoordigen, treedt het plan in werking. Vervolgens wordt het akkoord 'gehomologeerd' bij de rechtbank: het akkoord wordt geregistreerd bij de rechtbank en krijgt zo dezelfde kracht als een vonnis van de rechtbank.
    De voordelen van een collectief akkoord is dat een deel van de schulden mogelijk kwijtgescholden kunnen worden en dat niet alle schuldeisers akkoord moeten gaan met het afbetaalplan.
  • De gerechtelijke reorganisatie door overdracht onder gerechtelijk gezag: bij een overdracht onder gerechtelijk gezag zal een gerechtsmandataris je zaak reorganiseren.  Je kan een overdracht zelf aanvragen, maar het kan in bepaalde gevallen ook opgelegd worden op dagvaarding van de procureur des Konings, van een schuldeiser of van een belanghebbende. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer de schuldeisers het collectief reorganisatieplan niet goedkeurden met de vereiste meerderheden.

Meer informatie over deze specifieke procdures voor ondernemingen in financiëele moeilijkheden kan je op de website van Dyzo lezen.

 

 

Budgetplanner

Stel zelf je budget op met de Budgetplanner.